Categorie: Scheikunde

  • Glow-in-the-dark slijm

    Glow-in-the-dark slijm

    Je hebt allerlei soorten slijm. Plakkerig slijm, rekbaar slijm, bubbelig slijm, ga zo maar door. Maar wat dacht je van eetbaar glow-in-the-dark slijm? In dit proefje ga je dat zelf maken. Als bonus kan je het ook nog een kleurtje geven.

    Nodig:glow-int-the-dark-slime_450

    • 1 theelepel psylliumvezels
    • 250 ml tonic
    • voedingskleurstof
    • een kom (die in de magnetron kan)
    • lepel

    Stappen:

    Schenk de tonic in de kom en voeg de psylliumvezels toe. Roer het goed door elkaar heen.

    Als de psylliumvezels goed door de tonic zijn geroerd, kan je een of twee druppels kleurstof toevoegen. Het slijm wordt straks nog wat donkerder, dus zorg ervoor dat je niet teveel kleurstof in de kom doet.

    Ze de kom met het mengsel in de magnetron en breng het aan de kook. Afhankelijk van de magnetron duurt dat ergens tussen 1 minuut en 4 minuten. Zodra je merkt dat het mengsel kookt haal je het uit de magnetron en roer je het een paar keer goed door.

    Zet het daarna terug in de magnetron voor 1 of 2 minuten. Hierna roer je het weer stevig door. Herhaal deze stappen vier of vijf keer. Blijf roeren tot het mengsel dikker en slijmeriger wordt. Let op, elke keer dat je de kom uit de magnetron haalt is hij heet.

    Laat het slijm hierna even afkoelen, het wordt nu nog dikker! Als het nog heet is kan je er niet mee spelen.

    Als het slijm is afgekoeld, kan je er mee spelen. Je kan het ook opeten. Omdat je tonic hebt gebruikt, geeft het slijm ook licht als je het onder een blacklight (uv-licht) houdt. Je hebt dus echt glow-in-the-dark slijm!
    Je kan het slijm prima in een plasticzakje bewaren. Als je er een hapje van hebt genomen, is het beter om het zakje daarna in de koelkast te leggen.

    Vragen:

    1. Het slijm wordt dikker als het in de magnetron is geweest, hoe komt dat?
    2. Het slijm licht op bij UV-licht. Hoe denk he dat dat komt?

    Meer weten?

    Slijm is stroperig, dat maakt het slijm. Die stroperig noemen we viscositeit en daar wordt over de hele wereld onderzoek naar gedaan. In Australië zijn ze al sinds 1927 bezig met een pekdruppelexperiment. In dat experiment onderzoeken ze hoe stroperig iets is. Ze hebben er een Ig nobelprijs voor gekregen. Dat is een prijs voor grappig maar wel echt onderzoek.

    Het glow-in-the-dark slijm geeft licht omdat er tonic in zit. In tonic zit kinine, dat geeft het drankje een bittere smaak. Het reageert ook op UV-licht. Het geeft een helder wit of blauw licht als je er met UV-licht op schijnt.

  • Vuurwerk maken

    Vuurwerk maken

    Het vuurwerk dat je met oud en nieuw ziet is een scheikundig proefje in de lucht of op de grond. Zelf vuurwerk maken is niet moeilijk. In dit proefje ga je leren om zelf vuurwerk te maken dat niet ontploft. Omdat je wel met vuur en brandstof werkt is dit een proefje dat je alleen mag doen met een volwassene erbij.

    Nodig:vuurwerk maken

    • een hoopje zand
    • 4 theelepels poedersuiker
    • 1 theelepel natriumbicarbonaat (zuiveringszout)
    • klein bakje
    • lepel
    • aanstekerbenzine of alcohol
    • doosje lucifers

    Stappen:

    Vuurwerk maken is niet zonder gevaar. Het is daarom belangrijk dat je eerst leest wat je moet doen en pas daarna de stap zet.

    Meng in het bakje de 4 theelepels poedersuiker en de theelepel natriumbicarbonaat. Je moet de twee goed door elkaar roeren, zodat ze later goed reageren.

    Ga nu naar buiten. Dit is een proefje met vuur en kan je daarom niet binnen doen.

    Maak een klein hoopje zand en maak de bovenkant vlak. Schenk nu voorzichtig wat aanstekerbenzine of alcohol over het zand. Het mag best veel zijn, je wil dat het goed vochtig is met de brandstof. Let er op dat er geen aanstekerbenzine of alcohol op je handen zit. Is dat wel het geval maak ze dan eerst schoon.

    Schep nu voorzichtig het mengsel van suiker en natriumbicarbonaat op het zand.

    Strijk nu een lucifer af en steek het mengsel aan.

    Het vuur gaat vanzelf uit. Als je wil kan je het blussen met water, of door er zand op te gooien.

    Vragen:

    1. Wat gebeurt er als het mengsel brand?
    2. Hoe denk je dat dat komt?
    3. Als je de verhouding suiker en natriumbicarbonaat aanpast, wat gebeurt er dan?

    Meer weten?

    Vuurwerk bestaat al heel lang. Vuurwerk maken in dit proefje, gebeurt zonder kleurstof. Als je wil weten hoe kleur in vuurwerk komt, dan kan je dit stuk van NatGeo Junior lezen.

    Wil je andere dingen leren over vuurwerk. Kijk dan eens naar dit filmpje van SchoolTV.

  • Kleuren met dennenappels

    Kleuren met dennenappels

    Wist jij dat verschillende stoffen een andere kleur vlammen geven als ze branden? In dit proefje gaan we onderzoek doen naar vuur en de verschillende kleuren met dennenappels.

    Nodig:kleuren-met-dennenappels_450

    • 5 grote droge dennenappels
    • 4 kommen van minimaal 2 liter
    • 300 gram tafelzout
    • 300 gram LoSalt
    • 300 gram magnesium sulfaat
    • 200 gram koper sulfaat
    • water
    • roerstaaf
    • tang
    • oude kranten

    Stappen:

    Vul 4 bakken met water. Het helpt in de meeste gevallen als je een beetje lauw tot warm water gebruikt. Doe hierna in elke bak 1 van de chemische stoffen. Je moet hierna goed roeren om te zorgen dat ze oplossen in het water.

    Als de bak gevuld is met water en je hebt de verschillende stoffen opgelost ben je klaar voor de volgende stap. Stop in elke bak 1 dennenappel. Het is belangrijk dat ze helemaal ondergedompeld zijn in het water. Als e blijven drijven, kan je er een steen op leggen. Geen steen? Vul dan een boterhamzakje met je mengsels, doe de dennenappel daarin en leg het geheel in je bak. De dennenappels hebben echt een paar uur nodig om zich helemaal vol te zuigen met het mengsel. Het beste is om ze een dag (of een nacht) in de bak te laten zitten.

    Als ze zich helemaal hebben volgezogen kan je ze er weer uit vissen. Doe dat niet met je handen, maar met een tang. Als je een tang hebt van de BBQ is dat prima. Hele grote pincetpennen doen het ook goed. Leg ze daarna op oude kranten om te drogen. Je kan beter heen handdoeken gebruiken, want het kan een beetje vlekken. Het duurt hierna zo’n 3 dagen tot ze weer helemaal droog zijn. Schrijf duidelijk op welke dennenappel in welk mengsel heeft gezeten.

    Als de dennenappels droog zijn, kan je buiten in een vuurkorf een vuur maken. Doe dat wel altijd met een volwassen iemand erbij. Het kan ook prima in de open haard, maar zorg dan wel dat je maar één dennenappel per keer in de haard stopt.

    Aan de buitenkant zijn er geen verschillende kleuren met dennenappels. Maar als ze branden geeft elke dennenappel een eigen kleur vlammen. Gebruik als eerste de dennenappel die je niet in een mengsels hebt gedaan. Dan weet je meteen met welke kleur een gewone dennenappel brandt.

    Vragen:

    1. Welk van de stoffen lost het beste op in water?
    2. Welke kleuren heb je gezien bij je gewone dennenappel?
    3. Welke kleuren hadden de andere dennenappels?

    Meer weten?

    Het is je vast opgevallen dat de verschillende stoffen verschillende kleuren geven. Sommige branden geel, andere violetachtig paars, wit of zelfs groen.

    De verschillende kleuren komen door de verschillende opbouw van de stoffen. Elke stof heeft elektronen in een eigen energieniveau. Als een elektron warm wordt, bijvoorbeeld als je hem in het vuur gooit, dan gaat hij sneller bewegen, maar hij wordt dan ook instabiel. Als hij weer terug gaat naar z’n lagere energieniveau, dan komt er energie vrij. De energie komt vrij in de vorm van licht, we noemen dat fotonen. De energie in die fotonen, bepaalt de kleur van de vlam.

    Dit soort kleuren vaan licht gebruiken ze ook veel bij het onderzoek naar sterren. Lees vooral dit verhaal over kleuren als je daar meer van wil weten.

    Voor de diepgang en de meer technische kant van kleur en fotonen kan je hier veel lezen. Let op, dat stukje is best moeilijk.

  • Eindhoven Maker Faire

    Eindhoven Maker Faire

    Eindhoven-Maker-Faire-logo-JPG-image-aboveDe Maker Faire is de grootste Show (and Tell) op aarde: een gezinsvriendelijk festival waarbij uitvinding, creativiteit en vindingrijkheid centraal staan. Een viering van de Maker movement.

    Deels wetenschapsfestival, deels beurs, en voor een deel iets helemaal nieuws. Het festival in Eindhoven is een samenkomst van tech-enthousiastelingen, hobbyisten, onderwijzers, knutselaars, ingenieurs, wetenschapsclubs, designers, kunstenaars, studenten en commerciële exposanten van alle leeftijden. Al deze makers komen naar de Maker Faire om te laten zien wat ze maken en om te delen wat ze leren.

    De lancering van de Maker Faire in de Bay Area in 2006 toonde de populariteit van het maken en interesse onder de groepen ambitieuze makers om deel te nemen aan hands-on activiteiten en nieuwe vaardigheden te leren tijdens het evenement. Een record van 215.000 mensen namen deel aan de twee Maker Faires in de Bay Area en New York in 2014. Een gezinsvriendelijk evenement, waar 50% van de bezoekers tijdens het evenement aanwezig was met kinderen.

    Maker Faire is voornamelijk gericht op de toekomst, de presentatie van makers die nieuwe vormen verkennen met nieuwe technologieën. Maar het is niet alleen voor de makers op technisch gebied; Maker Faire is voorzien van projecten en experimenten vanuit het gehele spectrum van wetenschap, techniek, kunst, performance en ambacht.

    Maker Faire is een bijeenkomst van fascinerende, nieuwsgierige mensen die leren genieten en die houden van het delen van wat ze kunnen doen. Het is een plek voor makers om voorbeelden van hun werk te laten zien en interactie aan te gaan met het publiek. Vele makers zeggen dat ze geen andere plek kennen om te delen wat ze doen. DIY (Do-It-Yourself) is vaak onzichtbaar in onze gemeenschap, deze vindt vaak plaats in winkels, garages en op keukentafels. Het staat meestal niet in de schijnwerpers van de traditionele kunst of (wetenschappelijke) evenementen. Maker Faire maakt deze projecten zichtbaar en laat ideeën zien die we niet elke dag tegenkomen.

    Het festival in Eindhoven wordt aangeboden door Maker Media. Maker Media publiceert Make:magazine, produceert Maker Faire, en biedt een doe-het-zelf tools, electronica, kits en boeken via de online en pop-up maker Shed winkels.

  • Proefjes op Instagram

    Proefjes op Instagram

    maak een raketVolg Proefjes met Boefjes ook op Instgram. Hier krijg je bijna dagelijks updates van leuke projecten, spannende proefjes en grappige feitjes. Kijk voor ons profiel op instagram.com/proefjesmetboefjes.

    We delen via Instagram proefjes, workshops en andere leuke dingen. Heb je zelf ook proefjes gedaan of gebruik je proefjes van onze website. Dan vinden we het leuk als je ons een mention geeft of de hashtag #proefjesmetboefjes gebruikt.

    Je kan de app voor Instagram downloaden in de Apple Appstore of bij Google Play.

     

     

  • Kleuren splitsen

    Kleuren splitsen

    • De kleuren van verf en viltstiften zijn vaak gemaakt van een aantal verschillende soorten inkt, kleur en verf. Je kunt die kleuren splitsen met een heel leuk proefje. In dit proefje gaan we die verschillende kleuren splitsen.

    Nodig:kleuren splitsen

    • filterpapier (of een koffiefilter)
    • gekleurde stiften
    • arceerstiften
    • potlood
    • plakband
    • breed bakje
    • water

    Zorg dat je bij de verschillende kleuren geen basiskleuren (primaire kleuren) gebruikt. Dit zijn rood, geel en blauw. Andere kleuren zijn natuurlijk prima. Kijk ook of je verschillende merken kan gebruiken voor de stiften. Verschillende merken betekent ook verschillende soorten inkt.

    Stappen:

    Knip het filterpapier in reepjes van ongeveer een centimeter breed en 5 centimeter lang. Maak met een stift een dikke stip op ongeveer 1 centimetr van de onderkant. Gebruik voor elk reepje papier een ander stift.

    Plak de bovenkant van het reepje papier nu vast aan het potlood. Je kan meerder strips aan een potlood plakken, maar let er wel op dat je het potlood nog op de randen van het bakje kan leggen en dat de reepjes papier dan nog passen. Het bakje moet natuurlijk wel diep genoeg zijn zodat de reepjes papier de bodem niet raken.

    Als de reepjes in het bakje hangen kan je er voorzichtig wat water bij schenken. Schenk er net genoeg water in zodat de reepjes papier het water net raken. De stip moet nog boven het water hangen.

    Laat de reepjes papier nu met rust en wacht en kijk wat er met de kleuren op het papier gebeurd.

    Vragen:

    1. Wat zie je gebeuren met de kleuren?
    2. Hoeveel kleuren zie je
    3. Reageren de verschillende stiften anders?

    Meer weten?

    Terwijl het water naar boven trekt door het filterpapier, neemt het wat van de kleur mee. Sommige onderdelen van de inkt worden verder meegenomen dan andere onderdelen. Hierdoor zie je dat de kleur wordt uitgesmeerd.
    Je kan dit proefje ook doen met voedingskleurstof. Je kan dan onderzoeken of ook die kleuren splitsen. Probeer ook eens verschillende voedingskleurstoffen te mengen en dan met filterpapier weer te splitsen.

    Kleuren splitsen noemen we met een duur woord chromatografie. Bij Basisschool Op Weg heeft groep 8 hier een heel leuk filmpje over gemaakt. In België, bij Technopolis, doen ze ook proefjes met chromatografie. Daar kan je dit proefje doen en de kleuren in een blaadje spinazie onderzoeken.

  • Bioplastic maken

    Bioplastic maken

    Het meeste plastic wordt gemaakt van olie. Omdat plastic heel lang goed blijft, wordt het veel gebruikt. Je kan ook bioplastic maken. Dat breekt sneller af en is minder slecht voor de natuur. Wil je leren hoe bioplastic maken gaat, dan is dit proefje voor jou!

    Nodig:bioplastic maken

    • 20 gr. aardappelzetmeel
    • 15 ml. glycerol of glycerine
    • garde
    • hitteplaat
    • steelpan
    • platte schaal of bakvorm
    • stopwatch
    • 200 ml. water

    Stappen:
    Doe eerst 200 ml. water in de steelpan. Je kan deze daarna op de hitteplaat zetten. Als je geen hitteplaat hebt kan je natuurlijk ook het fornuis gebruiken. Zorg wel dat je dat samen met een volwassene doet, want een hitteplaat of fornuis is erg heet.

    Meet nu 20 gram aardappelzetmeel en doe het in de steelpan. Voeg daarna 15 ml. glycerine of glycerol toe. Blij hierna goed in de pan roeren met een garde. Als je niet goed mixt koekt het mengsel namelijk snel vast aan de bodem van de pan.

    Zodra het gaat koken zet je de stopwatch aan. Blijf nu drie minuten doorroeren. Het is echt heel belangrijk dat je roert. Je ziet het nu ook dikker worden.

    Na drie minuten kan je de pan leeggieten in de bakvorm Zorg dat je een dun laagje maakt, anders duurt het drogen te lang.

    Na het uitgieten zet je de bakvorm op beendroge en lichte plek. Je moet het nu 24 uur laten drogen. Dan is je bioplastic af.

    Vragen:

    1. Tijdens het koken wordt het mengsel dikker, hoe komt dat?
    2. Je voegt aardappelzetmeel toe en glycerine, waarom?
    3. Wat denk je dat er gebeurt als je minder glycerine toevoegt?

    Meer weten?
    Je hebt nu een doorzichtig plastic gemaakt. Door voedingskleurstof te gebruiken kan je het plastic ook kleurtjes geven. Je doet de kleurstof dan bij het mengsel na de glycerine, maar voordat het gaat koken.
    Naast bioplastic wordt er ook hard gewerkt aan make-up die biologisch is. Dat noemen ze biocosmetica. Bij dierentuin Artis in Amsterdam is er Micropia, daar laten ze bijna onzichtbaar kleine diertjes en verbindingen zien. met die verbindingen en diertjes doen ze ook onderzoek naar bioplastic.

  • Stuiterbal maken

    Stuiterbal maken

    Wie houdt er nu niet van stuiterballen? De eerste stuiterballen werden gemaakt van rubber uit de rubberboom. Maar tegenwoordig maken ze stuiterballen van plastic. Je kan ook heel goed zelf een stuiterbal maken. In dit proefje leer je hoe je een stuiterbal maakt en gaan we ook kijken naar de samenwerking van de ingrediënten. Dat laatste heet het maken van polymeren.

    Nodig:stuiterbal maken

    • 10 gram Borax
    • 20 gram Maizena
    • hobbylijm
    • 30 ml. warm water
    • voedingskleurstof
    • lepel om af te meten
    • roerstokje
    • 2 mengbekers
    • meetlint

    Stappen:
    In de twee mengbekers ga je straks een apart mengsel maken. Zorg dus goed dat je de twee bekers niet naast elkaar zet. Dan kan je ze namelijk door de war halen.

    Neem 30 ml. warm water en doe het in de eerste mengbeker. Voeg nu 10 gram borax toe. Met een roerstokje kan je de borax goed door het water mengen. Als je je stuiterbal een kleur wil geven, dan kan je er nu ook de kleurstof bij doen. Doe dat druppel voor druppel, dan zie je het beste of de kleur al goed is.

    We gaan nu een in de andere mengbeker werken. Het is belangrijk dat je niet roert.
    Doe 20 ml. hobbylijm in de tweede mengbeker. Als je een weegschaal gebruikt is het ongeveer 10 gram. Haal ongeveer een halve theelepel uit de boraxoplossing en voeg die aan de lijm toe. Voeg nu ook 10 gram maïzena toe. Zoals gezegd, niet roeren maar rustig tot 20 tellen.

    Als je 20 tellen verder bent pak je je tweede mengbeker en roer je alles door elkaar. Blijf roeren tot het niet meer gaat. Als je niet meer kan roeren haal je het mengsel uit de mengbeker en rol je er in je handen een bal van.

    Het balletje lijkt wat kleverig en slijmerig, maar als je langer aan het kneden en draaien bent wordt hij vanzelf steviger. Als hij niet meer kleeft en plakt kan je hem op de grond laten stuiteren.

    Als je klaar bent met stuiteren kan je de bal het beste bewaren in een luchtdicht bakje of een hersluitbaar zakje.

    Vragen:

    1. Als je de bal gemaakt hebt, kan je met je meetlint de omtrek meten. Hoe groot is je stuiterbal?
    2. Hoe hoog stuitert je bal?
    3. Je kan nu nog een keer een stuiterbal maken. Verander bij elke versie de hoeveelheid borax, maïzena of lijm. Door de samenstelling te veranderen wordt de bal kleveriger, slijmeriger, harder of droger.
      Bij elke nieuwe bal kan je weer meten hoe groot hij is en hoe hoog hij stuitert. Ook kun je kijken hoe lang het duurt voor hij opdroogt.

    Meer weten?
    De verschillende onderdelen van de stuiterbal vormen samen de stuiterbal. Met een moeilijk woord heten die onderdelen polymeren. Bij Willem Wever hebben ze een leuke uitleg over polymeren.
    In dit proefje heb je een stuiterbal gemaakt met een scheikundeproefje. In Amerika woont een jongen die Joel heet. Hij heeft een stuiterbal gemaakt met elastiekjes. Het is ook niet zomaar een stuiterbal, maar eentje van 400 kilo.

  • Temperatuur veranderen

    Temperatuur veranderen

    Er zijn verschillende proefjes waarbij twee stoffen met elkaar reageren. Soms veranderd de kleur en soms wordt iets harder of juist zachter. Er zijn ook proefjes waarbij je twee stoffen mengt en de temperatuur gaat veranderen als reactie. Kou zonder ijs of hitte zonder vuur, maar door een chemische reactie. In dit proefje gaan we stoffen mengen en het veranderen van de temperatuur meten.

    Nodig:

    • maatbeker van minimaal 100 ml
    • thermometer
    • 25 ml citroenzuur oplossing
    • natriumbicarbonaat (zuiveringszout)
    • stopwatch of horloge
    • notitieblad
    • potlood

    Stappen:temperatuur-veranderen_450

    Meet 25 ml van de citroenzuur oplossing af in de maatbeker. Meet hierna de temperatuur van het citroenzuur en schrijf die op.

    Voeg nu de natriumbicarbonaat toe aan de citroenzuur oplossing en roer die erdoor. Probeer niet te lang te roeren, je moet namelijk ook de temperatuur nog meten.

    Controleer de temperatuur met de thermometer. Schrijf elke 30 seconden het verschil in temperatuur op. Schrijf bij elke meting ook op na hoeveel seconden of minuten dat is gedaan. Blijf dit doen tot de temperatuur niet meer stijgt of daalt.

    Vragen:

    1. Wat gebeurt er als je de natriumbicarbonaat door de citroenzuur oplossing roert?
    2. Hoe lang blijft de temperatuur veranderen?
    3. Waarom denk je dat de temperatuur stijgt en daalt?
    4. Denk je dat de reactie anders is als je meer of minder natriumbicarbonaat of citroenzuur oplossing gebruikt?

    Meer weten?

    Het veranderen van temperatuur door een chemische reactie noemen we een endothermische reactie. Om die reactie te laten doorgaan is er energie nodig. Het verbruiken van energie zorgt ervoor dat de temperatuur veranderd. Je kan met dit soort reacties ook koken. Bij onze vrienden van SchoolTV kan je daar een leuk filmpje over bekijken.

    Het maken van popcorn is eigenlijk ook een chemische reactie. Wist je dat je dat heel makkelijk zelf kan doen? Bij de stichting C3 hebben ze een goede handleiding waarmee je zelf aan de slag kan gaan.

     

  • Plastic scheiden

    Plastic scheiden

    Er zijn een heleboel verschillende soorten plastic. Bijna alle soorten plastic worden van olie gemaakt. Veel verpakkingen bestaan uit plastic. Als je deze weggooit komen ze op de vuilnisbelt en worden ze verbrand. Maar je kan ze ook scheiden. In dit proefje gaan we plastic scheiden door te kijken naar verschillende eigenschappen.

    Nodig:plastic scheiden

    Kijk voor de verschillende soorten plastic naar dit overzicht.

    • PET (code 1)
    • HD-PE (code 2)
    • PS (code 6)
    • bioplastic
    • schaar
    • bak of emmer
    • zout
    • lepel
    • vel papier
    • pen of potlood

    Stappen:

    Verzamel eerste de verschillende soorten plastic. Op de meeste spullen zit een recyclingcode waardoor je kan zien wat voor soort plastic het is. Als je een zak hebt van Plastic Heroes kan je ook daarin kijken.

    Als je de verschillende soorten plastic hebt verzameld, knip je ze in reepjes van ongeveer 4 centimeter lang en 1 centimeter breed. Schijf op je vel papier welk reepje van welk plastic is.

    Vul nu de bak of emmer met een laagje water. Een paar centimeter is genoeg. Doe hierna de plastic reepjes in het water en duw ze onder. Ga nu naar vraag 1

    Doe nu 2 eetlepels zout bij het water. Roer het er rustig door tot het goed is opgelost. Als het water weer rustig is kijk je goed in de bak en ga je naar vraag 2.

    Vragen:

    1. Sommige soorten plastic zinken en andere blijven drijven. Schijf op welke er blijven drijven.
    2. Het water is nu zout. Gaat er ander plastic drijven? Zo ja, schijf op welke.
    3. Waarom denk je dat sommige plastic drijft en ander niet?
    4. Waarom denk je dat je een verschil ziet bij zout water?
    5. Kan je een andere manier bedenken voor plastic scheiden?

    Meer weten?

    Elke soort plastic heeft z’n eigen dichtheid. Als die dichtheid lager is dan water, blijft het plastic drijven. Als het hoger is dan water, zinkt het naar de bodem. Zout water heeft een hogere dichtheid dan gewoon kraanwater. Daarom blijft een deel van het plastic wel drijven in zoutwater, maar niet in kraanwater.

    In Nieuwegein hebben ze een filmpje gemaakt over hoe ze daar plastic scheiden. Ze gebruiken daar een andere manier.