Categorie: Natuurkunde

  • Luchtdruk veranderen

    Luchtdruk veranderen

    Luchtdruk verschilt per dag. Er zijn ook chemische reacties waardoor je de luchtdruk kan veranderen. In dit proefje gaan we met een chemische reactie de luchtdruk in een fles aanpassen.

    Nodig:luchtdruk veranderen

    • staalwol
    • azijnzuur
    • 2 erlenmeyers (max 500 ml.)
    • 1 ballon
    • weegschaal

    Stappen:

    Trek het staalwol een beetje uit elkaar en doe er een pluk van in elke erlenmeyer. Gier er hierna wat azijnzuur overheen. Pak nu de ballon en doe die over de opening van een van de twee erlenmeyers. De andere laat je open. Je kan hierna vraag 1 beantwoorden.

    Laat de erlenmeyers even staan zodat de chemische reactie plaats kan vinden. Beschrijf de reactie bij vraag 2.

    Terwijl het azijnzuur reageert met het staalwol gebeurt er iets met de ballon. Ga nu naar vragen 3 en 4.

    Vragen:

    1. Als je beide erlenmeyers klaar hebt, kan je ze wegen. Schijf van beide flessen op wat het gewicht is.
    2. Je ziet dat het azijnzuur de coating van het staalwol weekt. Wat gebeurt er vervolgens met het staalwol? Kan je bedenken waarom dat zo is?
    3. Wat gebeurt er met de ballon? Waarom denk je dat dat gebeurt?
    4. Weeg de flessen nu weer. Welke fles is veranderd? Kan je uitleggen waarom?

    Meer weten:

    Tijdens de reactie oxideert het staal. Het staal gebruikt hiervoor de zuurstof die in de fles zit. Hierdoor raken de zuurstofmoleculen in de fles op, waardoor de luchtdruk naar beneden gaat en de ballon naar binnen.

    Wil je nog een leuk voorbeeld van oxidatie zien? Kijk dan eens bij het Klokhuis. Als je wilt weten waar azijn eigenlijk vandaan komt, dan kan onze vriend Willem Wever je daar meer over vertellen.

     

     

     

  • Waarom is de lucht blauw?

    Waarom is de lucht blauw?

    Waarom is de lucht blauw? Zit er een blauwe schil om de aarde? Is het de weerspiegeling van de zee? Het is een vraag die al heel lang en heel vaak gesteld is en die met een leuk proefje te beantwoorden is. Vandaag dus een antwoord op de vraag: “Waarom is de lucht blauw”

    NodigWaarom is de lucht blauw

    • glas van minimaal 250 cl.
    • water
    • melk
    • pipet
    • zaklamp

    Stappen

    Vul het glas met water. Het glas hoeft echt niet helemaal vol.

    Neem nu met je pipet een paar druppels melk. Laat ze in het glas water vallen zodat er een  beetje een witte waas in het glas ontstaat.

    Pak nu de zaklamp en maak de kamer donker. Als het niet echt donker wil worden, kan je ook een gang- of trapkast gebruiken, of de wc. Ze de zaklamp tegen de zijkant van het glas en doe hem aan. Kijk van bovenaf in het glas terwijl je de zaklamp van beneden naar boven over de zijkant van het glas schuift.

    Vragen

    1. Welke kleur zag je als de zaklamp onderin zit?
    2. Welke kleur zag je toen de zaklamp bijna boven was?
    3. Waardoor denk je dat dit verschilt?

    Meer weten

    De lucht om de aarde heen zit vol met waterdruppels en stofdeeltjes. Deze hele kleine deeltjes buigen het licht van de zon in de baan naar de aarde. Door deze afbuiging lijkt de lucht blauw. In het proefje dat je net hebt gedaan zorgt de melk voor de deeltjes die het licht van de zaklamp afbuigen.

    Overdag is de lucht blauw, maar in de avond kan hij heel mooi rood worden. Bij NEMO in Amsterdam weten ze precies waarom. In dit filmpje leggen ze precies uit hoe dat kan. Wil je nog meer weten over licht? Maak dan zelf een spectroscoop. Dat kan heel goed met de spullen van Ruimtevaart in de klas.

  • Weekend van de Wetenschap

    Weekend van de Wetenschap

    Kom op 3 en 4 oktober naar het Weekend van de wetenschap. Het Weekend van de Wetenschap is het podium van de toekomst. Hier beleef je live wetenschap & technologie. Kom backstage bij bedrijven, instituten, universiteiten, kennisinstellingen en musea op meer dan 200 locaties in heel Nederland. Nieuwsgierige mensen kijken op www.hetweekendvandewetenschap.nl.

    Weekend van de WetenschapTijdens het Weekend van de Wetenschap kan je op meer dan 200 locaties een kijkje nemen terwijl dat normaal niet kan. Je mag bijvoorbeeld backstage bij het Douane Laboratorium of bij de Rotterdamse haven. Ook kunnen bezoekers bij ESA/ESTEC alleen gedurende dit weekend naar testruimtes die anders gesloten zijn voor publiek. Hier kun je testmodellen bekijken van satellieten die in de ruimte zijn geweest of misschien loop je wel een astronaut tegen het lijf.

    Bij wetenschapsmusea en science centra duiken de pop‐up wetenschappers op om te vertellen over hun ontdekkingen en om vragen te beantwoorden. Op locaties door heel Nederland zijn verschillende exclusieve activiteiten georganiseerd zoals experimenten, voorstellingen, lezingen en tentoonstellingen.

    Ontdek waar je allemaal binnen mag kijken op www.hetweekendvandewetenschap.nl.

     

     

  • Maak een luchtballon

    Maak een luchtballon

    Als het weer zonnig en helder is zie je vaak luchtballonnen voorbij zweven. Je kunt zelf ook een luchtballon maken. Er hoeven echt geen mensen in een mandje aan te hangen, maar het is wel leuk als hij heel hoof de lucht ingaat. In dit proefje maak je een luchtballon.

    Nodigeen luchtballon maken

    • 1 vuilniszak of grote plastic tas
    • föhn
    • touw
    • drinkrietjes
    • plakband
    • schaar

    Stappen
    Vraag eerst aan een volwassene of je de föhn mag gebruiken.

    Maak daarna met de drinkrietjes en plakband een mandje. Zorg dat er een boog is over het midden, zodat je hem straks aan de ballon vast kan maken. Maak een stuk touw vast aan de boog. Zorg wel dat er genoeg over is om straks vast te maken aan de luchtballon.

    Pak de föhn en je plastic zak of vuilniszak. Keer de zak om zodat de opening van de zak aan de onderkant zit en maak de opening met je hand klein. Steek de föhn in de kleine opening. Als je de zak goed vasthoud, is past de föhn precies.

    Zet de föhn aan en vul de luchtballon met lucht. Als hij begint te trekken kan je het mandje vastmaken en hem loslaten. Hop, hop en omhoog!

    Vragen

    1. Ging de luchtballon goed omhoog? Hoe hoog?
    2. Waarom denk je dat de hete lucht omhoog ging?
    3. Wat denk je dat er gebeurd als er meer of minder hete lucht in gaat?
    4. Heb je een foto? Stuur die dan via Twitter of Instagram!

    Meer weten?
    Luchtballonnen kan je nu best vaak zien. Maar vroeger niet. Je kunt hier meer lezen over de geschiedenis van de luchtballon en hoe de grote ballonnen in elkaar zitten. Wist je dat ook Thomas de Trein wel eens met een luchtballon is geweest? Een vader in Amerika heeft samen met zijn zoon dit filmpje gemaakt over de ruimtereis van Thomas.

  • Wolken maken

    Wolken maken

    Wist je dat je zelf wolken maken niet moeilijk is? In het echt worden wolken gemaakt als de zon het water van de zee verdampt. Dat kan je niet goed zien, omdat de verdampte waterdruppeltjes heel, heel, heel erg klein zijn. Daarom gaan we in dit proefje zelf wolken maken. Omdat te doen hebben we heet water, ijs en een spuitbus nodig. Ik weet zeker dat je je zal verbazen over het resultaat.

    Nodigzelf wolken maken

    • 1 leeg potje van 200 ml.
    • 80 ml heet water (je mag het eerst koken)
    • een spuitbus haarlak
    • ijblokjes

    Stappen
    Zet het potje op tafel en giet er voorzichtig het hete water in. Als het net gekookt heeft, kan je ook aan een volwassene vragen om het uit te schenken.
    Spuit nu snel met de spuitbus in het potje.

    Pak de deksel en zet die ondersteboven op het potje. Leg de ijsblokjes er op. Door het opstaande randje kunnen ze er niet afvallen.

    Al snel vormt zich een wolk in het potje. Als je klaar bent, haal je de deksel er af en stijgt de wolk op uit het potje in sliertjes waterdamp.

    Vragen

    1. Wat gebeurt er als je de deksel er op zet?
    2. Waar denk je dat de spuitbus voor is?
    3. Werkt dit proefje ook met koud water? Waarom wel of niet?

    Meer weten?
    Wil jij weten waar wolken vandaan komen en hoe dat gaat? Op SchoolTV staat een heel leuk filmpje waarin ze uitleggen hoe dat werkt. In wolken zit water. Maar op de ene plek regent het veel meer dan op de andere. Willem Wever ging naar het regenwoud en leerde daar waarom het er zoveel regent.

  • Lichtmeting 2015

    Lichtmeting 2015

    Dit najaar doet Proefjes met Boefjes mee aan de Nationale Lichtmeting. De Nationale Lichtmeting is een proefje voor bovenbouwers en leerlingen van de middelbare school. We doen de Nationale Lichtmeting als onderdeel van het Internationale Jaar van het Licht 2015 (IYL2015). Voor de Nationale Lichtmeting maken we gebruik van martiaal van de  Stichting International Year of Light 2015 in NL. Wil je ook mee doen? Schijf je dan vanaf eind augustus in!

    Waneer is het?Lichtmeting 2015

    Tussen 26 oktober 2015 en 6 november 2015 meten de we samen, met zelfgebouwde spectroscoopjes, hoe duurzaam wij onze huiskamers verlichten. Met een spectroscoop kan je namelijk zien wat voor lamp er in een huis gebruikt wordt. Zo zie je dus of het een ledlamp, spaarlamp of gloeilamp is die brandt. Alle metingen samen komen daarna in een online Lichtkaart van Nederland.

    Zelfbouwspectroscoopje

    Voor het scholenexperiment is (online) lesmateriaal ontwikkeld dat te vinden is op. Als voorbereiding zullen scholieren zelf een spectroscoop bouwen. Dit kan met behulp van alledaagse middelen (een lege cd-recordable, een lege keukenrol en wat duct-tape) en wat knutselwerk.

    Meer weten?

    Wil je meer weten over het Internationale Jaar van het Licht 2015 kijk dan vooral op de website van de stichting. Er staat veel leuke informatie over licht. Wil je al eerder aan de slag? Dat kan ook. Je kan in verschillende musea terecht met vragen over licht.

  • Proefjes met Boefjes

    Proefjes met Boefjes

    Een feest om te leren!

    Kinderen zitten vol met vragen en ideeën. Proefjes met Boefjes stelt vragen én beantwoordt die. Wij helpen kinderen kritisch te kijken en geven ruimte aan hun eigen ideeën.

    Proefjes met Boefjes daagt kinderen uit om zelf na te denken over de wereld om hen heen. Door interessante, spannende en verrassende proefjes te doen leren zij hoe techniek werkt en wat er achter zit.

    Met veel verschillende proefjes op het gebied van biologie, natuurkunde, scheikunde en ruimtevaart is er voor elk kind wel iets te ontdekken.

    Kom spelen en leren: Proefjes met Boefjes!

  • Toren in laagjes

    Toren in laagjes

    Is het je wel eens opgevallen dat olie op water blijft drijven? Of dat afwasmiddel zinkt? In dit proefje maken we een toren  van vloeistoffen. Door ze één voor één op elkaar te schenken krijg je een mooi toren van laagjes

    Nodigglas met laagjes

    • 1 maatcilinder van minimaal 200 ml
    • 6 dezelfde glaasjes van minimaal 40 ml
    • keukenweegschaal
    • vloeibare honing
    • schenkstroop
    • afwasmiddel
    • water
    • plantaardige olie
    • spiritus
    • kleurstof

    Stappen

    Neem 6 glaasjes en zet ze naast elkaar. Weeg een glas en zet de weegschaal met glas op 0 gram. Zo weeg je straks alleen de vloeistof.

    Schenk in elk glas evenveel vloeistof. Zet de glazen naast elkaar en kijk of ze een mooie kleur hebben. Je kunt wat rode kleurstof bij het water doen en wat extra blauwe kleurstof bij de spiritus. Let wel op met de olie, die kun je niet kleuren.

    Weeg de glaasjes één voor één en schrijf van elk glas het gewicht op.

    Schenk nu de honing in je maatcilinder. Probeer voorzichtig te schenken, zodat je de rand van de maatcilinder niet raakt. Schenk hierna steeds rustig de volgende vloeistoffen erbij:

    • schenkstroop
    • afwasmiddel
    • water
    • plantaardige olie
    • spiritus

    Wacht nu een minuutje af en kijk wat er gebeurt.

    Vragen

    1. Wat doen de verschillende vloeistoffen?
    2. Waarom denk je dat de ene vloeistof zwaarder weegt dan de ander?
    3. Wat denk je dat er gebeurt als je de volgorde aanpast?

    Meer weten?

    Dit proefje werkt met het principe van dichtheid. Hoe hoger de dichtheid van een vloeistof, hoe zwaarder hij weegt. Op de website van SchoolTV vind je een kort filmpje over dichtheid. Er zijn natuurlijk heel veel vloeistoffen, en die hebben allemaal een ander gewicht. Hier kun je nalezen hoeveel water weegt, maar ook benzine, zeewater en zelfs bier.

  • Kraters maken

    Kraters maken

    Meteoren die inslaan, slaan enorme kraters. Op aarde zie je dat niet altijd goed, bijvoorbeeld omdat er van alles overheen is gegroeid of omdat er een stad overheen is gebouwd. Op de maan kun je  kraters wel heel goed zien. Wil je zelf eens een flinke krater slaan? In dit proefje maken we kraters met knikkers als meteoren.

    Nodig

    • 1 bak of afwasteil
    • 2 kilo bloem
    • een paar lepels cacaopoeder
    • weegschaal
    • zeef
    • liniaal
    • lange prikker
    • pen
    • 4 knikkers van dezelfde maat. Ze moeten ook even zwaar zijn.

    Stappen

    Begin met het leggen van een laagje bloem van ongeveer 5 centimeter in je bak of afwasteil. Houd daarna de zeef boven de bak en schep hier voorzichtig de cacao in. Zorg dat alle bloem met een klein laagje cacao bedekt is.

    Pak de liniaal, satéprikker en pen. Leg de satéprikker langs de liniaal en zet met de pen elke centimeter een streepje op de satéprikker.

    Pak nu de vier knikkers. Laat de eerste in de bak vallen vanaf een hoogte van ongeveer 20 centimeter boven de bak. Zorg dat je een goede plek kiest, want er vallen straks nog een paar knikkers en je wilt ruimte houden tussen de kraters die je slaat.

    Als de knikker is gevallen, pak je de prikker en kijk je hoe diep het gat (de krater) is. Dat doe je door de prikker met de punt op de bovenkant van de knikker te zetten. Wees voorzichtig, anders duw je de knikker dieper in de bloem. Schrijf in de tabel bij vraag 1 op hoe diep de knikker zit en maak een tekening van de krater.

    Laat nu de tweede knikker naar beneden vallen, dit keer van een hoogte van 40 centimeter boven de bak. Meet ook hier de diepte en schrijf die op in de tabel. Hierna doe je hetzelfde met knikkers 3 en 4. Deze laat je van een hoogte van eerst 60 en daarna 80 centimeter boven de bak naar beneden vallen.

    Vragen

    1. Vul de tabel in met de valhoogte en de diepte van de krater.
    2. Zie je uit de tabel een verband tussen de valhoogte en de diepte van de krater?
    3. Wat gebeurt er als de knikker van grotere hoogte valt? Waardoor denk je dat dit komt?

    Meer weten?

    Je kunt allerlei anderen voorwerpen gebruiken om kraters te slaan. Een pingpongbal bijvoorbeeld, of een rubber stuiterbal. De kraters zullen dan weer anders zijn. Je vindt kraters over de hele wereld, maar ze zijn vaak niet goed te zien. Willem Wever legt goed uit hoe dat komt. En wat is een meteoriet precies? Op de website van Vallende Sterren lees je veel over meteorieten en hoe je ze kunt zien.